De visserijsector in Nederland maakt innovatieve en duurzame slagen.

dinsdag 10 december 2013

TEKST: VISSERIJBEDRIJF J. SEEPMA OL-5 / RABOBANK NOORDOOST FRIESLAND FOTO'S: ANJA BROUWER

Johan Seepma (45) uit Oosternijkerk is sinds 1988 zelfstandig visserijondernemer. Samen met zijn zes jaar jongere broer Douwe Edwin Seepma bemant hij de garnalenkotter OL5. Innovatie gebeurt veelal onder druk van marktomstandigheden of ter verbetering van het verdienmodel. Onder druk worden de zaken immers wat vloeibaarder. In de visserij is de hoge olieprijs de katalysator voor innovatie.
Aan het woord is Johan Seepma, zelfstandig visserijondernemer uit Oosternijkerk, die samen met zijn broer een vistuig ontwikkelde. “Halverwege 2009 kreeg ik een tip van Rob Janssens van het subsidiebureau Inno Partner dat het Small Business Innovation Research Programma (SBIR) van het toenmalig ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV), een oproep had gedaan om een goed idee in te sturen dat betrekking had op de biodiversiteit. Wij liepen al een paar jaar rond met het idee om een ander soort vistuig te ontwikkelen wat veel brandstof bespaart en minder bodemberoering geeft. We hebben samen met Rob Janssens een plan gemaakt en ingestuurd. Er waren 120 inzendingen en na een aantal voorrondes kregen we uiteindelijk van het ministerie van LNV de opdracht ons innovatieve vistuig te ontwikkelen.
Minister Gerda Verburg heeft ons de opdracht persoonlijk uitgereikt. We kregen hier twee jaar de tijd voor en hebben die tijd goed gebruikt. Na eindeloos testen hebben we uiteindelijk de Seewing ontwikkeld. Omdat ik veel Formule 1 races volgde, had ik altijd al het idee om iets met de vorm van de achtervleugel van deze auto te doen. We hebben de vleugel acht meter lang gemaakt en 40 centimeter breed. Deze vleugel creëert een enorm stuk downforce (neerwaartse kracht) naar de bodem toe, waardoor we nu een veel lichter vistuig hebben dat veel brandstof bespaart in vergelijking tot een traditioneel vistuig.
Het gewicht van het vistuig is verminderd van 1.300 naar 600 kilogram, dus met ruim 50%. Ook hebben we er twee wielen onder gemaakt in plaats van de traditionele sleeën. Dit samen geeft een spectaculaire brandstofbesparing van 20% (voor kleine schepen) tot 35% voor de grotere schepen. Sommige Seewinggebruikers besparen tot wel € 1.500 brandstof per week, bij een gelijkblijvende vangst. Als je dat vermenigvuldigt met 40 visweken is dit een mooi bedrag. Daarnaast vergt de Seewing veel minder onderhoud dan een traditioneel vistuig, wat ook weer een besparing geeft. De aanschaf van de Seewing is even duur als een conventioneel vistuig. Het ministerie van Economische Zaken erkent de Seewing en verleent er subsidie op. We hebben de Visserij Coöperatie Urk (VCU) als sterke partner gevonden. Zij bouwen de Seewing en zij zijn ook octrooigemachtigde. Met hen heb ik een knowhow-overeenkomst. De eerste drie letters van onze achternaam “See” hebben we verbonden aan de Seewing. Er is veel belangstelling. Inmiddels zijn er van klein tot heel groot 20 vissersschepen, verspreid over Nederland, Duitsland en één in Denemarken, die tot groot genoegen vissen met de Seewing.
Er zijn ongeveer 480 garnalenschepen, dus we kunnen nog wel even vooruit. De Seewing is dit najaar gepromoot op een visserijbeurs in Alborg, Denemarken en er is belangstelling vanuit China waar men een set wil uitproberen. Daarnaast zijn we samen met Gaastmeerdesign, VCU en het Maritieme Research Institute Netherlands (MARIN) uit Wageningen bezig met het ontwikkelen van een nieuwe energiezuinige garnalenkotter. Volgens berekeningen realiseert deze kotter een besparing van 44%. Als we financiers kunnen vinden, willen we dit innovatieve schip graag laten bouwen.” Wilt u meer weten over de visserijsector? Surf dan naar www.vcu.nl of naar www.visserijnieuws.nl.